FAQ metalen platen – maten, zagen & montage
Hier vindt u antwoorden op de meest gestelde vragen over metalen platen. Technische vakbegrippen leggen wij u uitgebreid uit in onze vakbegrippenlijst of in onze videogalerij. Mocht u toch nog vragen hebben, neem dan gerust contact met ons op.
Directeur
„Bij metalen platen is de meest voorkomende fout in de planning: klanten meten alleen het zichtbare dakoppervlak en vergeten de overlapping. Onze vuistregel aan de telefoon: 1 golfbreedte zijdelings, in de lengte 200 mm bij een vlakke helling en minder naarmate het dak steiler wordt – onder 7° hoort er bovendien kitband in de naad. Wij rekenen graag mee, gewoon de schets sturen. En bij niet-geïsoleerde daken: vergeet het anticondensvlies niet, dat scheelt later veel ergernis.“
- Staal: Zeer stabiel, verzinkt en gecoat, universeel inzetbaar. Roest niet zolang de coating intact is.
- Aluminium: Aanzienlijk lichter, zeer corrosiebestendig (ook in industrie- en zeelucht), geen roest.
Tip: Een gedetailleerde vergelijkingstabel van de materiaaleigenschappen vindt u op de themapagina Metalen-platen-materiaal.
Van onder naar boven:
- Achterzijde-beschermlak
- Grondlaag (primer)
- Passiveringslaag
- Verzinking (alleen staal)
- Staal- of aluminiumkern
- Verzinking (alleen staal)
- Passiveringslaag
- Grondlaag (primer)
- Oppervlaktecoating
Dakplaten hebben een anticapillaire groef, die eventueel binnengedrongen water veilig naar de druiplijst leidt. Gevelplaten hebben deze groef niet en worden met een omgekeerd profielbeeld gelegd.
Alle platen zijn verkrijgbaar met verschillende coatings (dikte in µm, oppervlaktestructuur, RAL-kleur). Hoe dikker de coating, hoe beter de bescherming en hoe langer de fabrieksgarantie.
Tip: Een gedetailleerde vergelijking van alle coatings vindt u op de bijbehorende themapagina.
Ja. Alle platen zijn aan de achterzijde voorzien van een kleurcoating (achterzijdelak). De kleur is doorgaans RAL 9002 (grijswit), maar kan per partij of product verschillen.
- De laagdikte van de achterzijdelak varieert op de markt: dikker = betere bescherming, dunner = goedkoper.
- De exacte gegevens over kleur en achterzijdelak vindt u bij elk artikel onder de technische details.
De brandklasse beschrijft het brandgedrag van een bouwproduct volgens EN 13501-1 (in Nederland NEN-EN 13501-1, in België NBN EN 13501-1). Bij metalen platen bepaalt de vliescoating aan de achterzijde de indeling – de plaatkern zelf is altijd onbrandbaar:
- Zonder vlies: A1 (onbrandbaar)
- Met anticondensvlies: A2-s1,d0 (onbrandbaar)
- Sound-Reduction-vlies: C-s1,d0 (moeilijk ontvlambaar)
- 1e keus: Damwandplaten en golfplaten vanaf 0,50 mm volgens DIN EN 1090 (typegoedkeuring voor overspanningen boven 1 m, zie belastingstabellen). Dakpan- en felsplaten eveneens vanaf 0,50 mm volgens DIN EN 14782 met vastgelegde overspanningen (zie montagehandleiding). Afhankelijk van de coating fabrieksgarantie van 10 tot 40 jaar.
- Restpartij: Metalen platen vanaf 0,40 mm volgens DIN EN 14782 (zonder typegoedkeuring). Houd de steunafstanden aan (dak tot 1,00 m, wand tot 0,80 m). Restpartijen worden nieuw geproduceerd – het gaat niet om uitgesorteerde artikelen.
Belangrijk: Waar een statische berekening vereist is, volstaan producten volgens DIN EN 14782 niet – kies dan damwand- of golfplaten van de 1e keus volgens DIN EN 1090.
- Totale breedte is de volledige breedte van de plaat inclusief overlapping.
- Werkende breedte is de effectieve breedte die zichtbaar blijft na het leggen, dus de totale breedte minus de overlapping.
Tip: Voor de oppervlakte- of hoeveelheidsberekening geldt: de eerste plaat wordt berekend met de totale breedte, alle volgende met de werkende breedte. Zo voorkomt u dat de berekende oppervlakte door de overlapping kleiner wordt.
- Lengte = wateraflooprichting van de nok naar de druiplijst.
- Breedte = dwars daarop (links ↔ rechts).
Tip: Een dwarsdoorsnede van de breedte vindt u bij de productafbeeldingen.
Nee, wij snijden de platen niet in de breedte. Onze maatsneden worden uitsluitend in de lengte uitgevoerd – dus in de wateraflooprichting van de nok naar de druiplijst. De breedte blijft daardoor altijd gelijk, zodat de oorspronkelijke plaatstructuur en stabiliteit behouden blijven.
Een verdere bewerking kunt u zelf ter plaatse uitvoeren – zowel bij stalen als bij aluminiumprofielen. Gebruik hiervoor een geschikte blikschaar of elektrische handblikschaar, geen slijpschijf, omdat die door de hitte de coating beschadigt.
Tip: Behandel de snijranden daarna met reparatieverf om het materiaal tegen corrosie te beschermen en de levensduur van de plaat te waarborgen.
- Damwandplaten: Bij een doorlopende baan zonder dwarsnaad is ≥ 3° al mogelijk; bij overlapping en dwarsnaad adviseren wij minimaal 5–7°.
- Dakpanplaten: Profielafhankelijk – 2/1060 vanaf 7°, Szafir 350/15 vanaf 9° en EUROPA vanaf 10°; de exacte waarde staat bij elk artikel onder de technische details en in de product- of montagehandleiding.
- Golfplaten: Het golfplaatprofiel in ons assortiment is vanaf 3° vrijgegeven; bij een zeer vlakke helling zijn aanvullende afdichtingsmaatregelen nodig – de exacte ondergrens staat bij het artikel onder de technische details.
Tip: Een grotere hellingshoek verbetert de zelfreiniging door regen en vermindert waterophoping.
Opmerking: Anticondensvlies alleen gebruiken bij ≥ 10° en voldoende ventilatie. Bij dakhellingen onder 10° raden wij kitband aan om de waterdichtheid bij overlappingen en dwarsvoegen te garanderen.
Anticondensvlies absorbeert condenswater en voorkomt druppelvorming; als neveneffect dempt het het geluid. Voorwaarde: min. 10° helling en goede ventilatie.
Tip: Een gedetailleerde vergelijking van de vliessoorten vindt u op de bijbehorende themapagina.
De afstanden hebben betrekking op de onderconstructie en worden per profiel en materiaal voorgeschreven (zie montagehandleiding en belastingstabellen).
Belangrijk: Overschrijd de specificaties niet.
- Overlapping in de lengterichting: 1 golf of ribbel; bij een dakhelling onder 10° of bij profielen zonder anticapillaire groef hoort er bovendien kitband in de lengteoverlapping (let op de product- of montagehandleiding).
- Dwarsvoegen: afhankelijk van profiel en dakhelling; bij vlakke daken kitband in de overlapping aanbrengen.
Tip: Voor de oppervlakteberekening telt de werkende breedte (overlap al afgetrokken).
- Richtwaarde dak: ca. 6–8 schroeven per m² (afhankelijk van profiel- en latafstand).
- Bij druiplijst, nok en randgebieden dichter schroeven.
- Gebruik altijd zelfborende schroeven met afdichtingsring; bij bevestiging op de hoge ribbel bovendien kalotten.
Tip: De exacte hoeveelheid wordt bepaald door profiel, latafstand en plaatafmeting (zie montagehandleiding).
- Gebruik een blikschaar, knabbelschaar of koudzaag
- Ontbraam de randen en verwijder de spanen zorgvuldig
Belangrijk: Geen doorslijp- of flexschijven! Vonken beschadigen de coating en kunnen roest veroorzaken.
Hier volgt een overzicht van de verschillende zetwerken:
- Nok
- Nok voor lessenaarsdak
- Windveer
- Muuraansluiting
- Druiplijst
- Kilgoot
- Buitenhoek
- Binnenhoek
- Vensterbank
- Dorpel
Opmerking: Heeft u een andere maat nodig? Stuur ons via het contactformulier gerust een schets – wij maken een passende offerte.
Voor het laden en lossen moeten vorkheftrucks of kranen met traversen worden gebruikt. De profielranden mogen niet worden beschadigd – randbeschermhoeken helpen daarbij. Op de bouwplaats moeten de platen door ten minste twee personen van de stapel worden getild en rechtop worden gedragen.
Belangrijk: Vermijd het slepen over scherpe randen of reeds gelegde oppervlakken.
Transportverpakkingen zijn alleen bedoeld voor de verzending en moeten binnen enkele dagen na levering worden verwijderd. Als het materiaal niet direct wordt verwerkt, moet het droog, onder een dak en op houten balken worden opgeslagen – niet direct op de grond. De stapel moet schuin staan, zodat water kan wegvloeien. Bij langdurige opslag (meer dan twee weken) moeten de platen afzonderlijk worden geventileerd.
Belangrijk: Onjuiste opslag kan corrosieschade veroorzaken die niet kan worden geclaimd.
Ja, dat is mogelijk. De damwand- of golfplaten moeten daarvoor aan bepaalde voorwaarden voldoen.
- Materiaaldikte: min. 0,75 mm – en uitsluitend staal, aluminium is voor PV niet vrijgegeven
- Corrosiebescherming: ideaal zijn aluzink AZ185, 50 µm PURLAK® of 50 µm PURMAT®
- Schroeven: alleen roestvrij staal gebruiken, geen verzinkte
- Normen: montage volgens DIN EN 1090-4 en IFBS-richtlijnen
- Bevestiging: meestal op de hoge ribbel met kalotten of op adapterrails
Tip: Controleer de constructieve veiligheid en de wind- en sneeuwbelasting – gebruik alleen systemen met een bouwtechnische goedkeuring.
- Anticondensvlies of Sound-Reduction-vlies inzetten (dempt impactgeluiden).
- Plan voldoende isolatie of een verlaagd plafond.
- Contactgeluid ontkoppelen (nette oplegging, nette bevestiging, geen losse onderdelen).
Metalen daken kunnen dienen als natuurlijke vanginrichting, mits ze normconform zijn gemonteerd, geleidend zijn verbonden en zijn geaard (EN 62305-3). Laat het dak na elke blikseminslag controleren.
Onze dakpanelen hebben een kerndikte van 30–40 mm, de wandpanelen 40–100 mm. Richtwaarde: 80–100 mm voor verwarmde gebouwen, 40–60 mm voor onverwarmde of koude gebouwen.
Onze sandwichpanelen hebben een PIR-schuimkern. Die biedt een zeer goede warmte-isolatie bij een gering eigen gewicht en is brandtechnisch als moeilijk ontvlambaar geclassificeerd – de exacte brandklasse volgens EN 13501-1 staat op het technische blad van het betreffende paneel.
Metalen plaat online plannen: materiaal, coating en maten in de configurator
Stalen of aluminium platen op maat, met de passende coating naar locatie en optioneel anticondensvlies tegen condenswater. In de planner combineert u profiel, materiaal en maten direct met de prijs.
Lees ook onze blogberichten
Laatste update: 8. augustus 2026
Technisch gecontroleerd door: Maurice Grimberg, directeur (Contact)