Vakman hangt een dakgoot in de gemonteerde gootbeugels van een carport
Montagehandleiding
Dakgoot monteren
in 6 stappen

PVC of staal, gelijmd of geklemd – het complete verloop met de originele waarden van Plastmo en Plastal.

Beugelafstand max. 60 cm Afschot richting uitlaat Beide systemen worden gelijmd

Dakgoot monteren: stap-voor-stap handleiding voor PVC- en stalen goten

Deze handleiding voert u door de complete montage – van de beugels via het afschot tot de regenpijp. Zij dekt beide systemen die wij voeren: de PVC-goot van Plastmo en de stalen goot van Plastal. Het verloop lijkt op elkaar, maar op meerdere punten verschillen de fabrikanten wezenlijk – bij de volgorde van het uitlaatstuk, bij het type gootbeugel en bij de vraag wat er wordt gelijmd en wat niet. Alle waarden komen uit de originele montagehandleidingen; waar de opgaven elkaar tegenspreken, staat dat er uitdrukkelijk bij.

max. 60 cm
Afstand van de gootbeugels – kleiner bij hoge sneeuwlast
2 tot 3 mm/m
Afschot richting uitlaat – bij lange goten doorslaggevend
4 punten zonder lijm
Expansiestuk, pijpbeugels, steekverbindingen aan de regenpijp en de gootbeugels zelf
min. 2,5 cm
Uitzetruimte bij elke verbinding – de goot moet kunnen werken
Maurice Grimberg – directeur
Maurice Grimberg
Directeur
"De meeste lekkende dakgoten zijn niet kapot – zij zijn verkeerd gelijmd. Bij het kunststofsysteem hoort lijm aan het verbindingsstuk, de hoekstukken, de einddeksels, het uitlaatstuk en de bovenste regenpijpbocht. Aan het expansiestuk hoort hij uitdrukkelijk niet, want juist daar moet de goot kunnen bewegen. Wie dat dichtlijmt, heeft de volgende zomer een kromgetrokken goot. En de tweede klassieker: afschot vergeten. Twee millimeter per meter is genoeg, maar ze moeten er zijn."

PVC of staal? De systemen in beeld

Video: Raadgever dakgoten – verschillen tussen regengoten van PVC en staal
2:24

De materiaalvraag in tweeënhalve minuut

Voordat u met de montage begint, staat de keuze: PVC of staal. De video toont de verschillen in verwerking, uiterlijk en levensduur – en maakt duidelijk waarom de montagestappen van beide systemen op enkele punten uiteenlopen. De uitgebreide vergelijking vindt u verderop op deze pagina.

Gereedschap & materiaal: dit heeft u nodig

Gereedschap

  • Spandraad en waterpas – zonder strak gespannen draad wordt het afschot nooit gelijkmatig
  • Fijngetande zaag voor goot en regenpijp; bij staal daarnaast een plaatschaar voor de fijne snede
  • Vijl of ontbramer – snijranden worden altijd ontbraamd, anders beschadigen zij de rubberen afdichting
  • Gatenzaag of decoupeerzaag voor de uitlaatopening, wanneer die in de gemonteerde goot wordt gezaagd
  • Heteluchtpistool om de beugels bij het buigen licht te verwarmen – Plastmo spreekt alleen van „licht verwarmen", de hetelucht is onze praktijkaanbeveling
  • Accuschroevendraaier voor beugels, klemmen en afstandhouders

Materiaal

  • Dakgoot in 100, 125 of 150 mm – de maat richt zich naar het dakoppervlak
  • Gootbeugels: bij Plastmo beugels voor spant of boeiboord, bij Plastal universele gootbeugels of console-gootbeugels – die twee worden verschillend uitgelijnd
  • Verbindingsstukken, buiten- en binnenhoeken, einddeksels, uitlaatstukken passend bij het systeem
  • Regenpijp, bochten, pijpbeugels en afstandhouders in 75, 90 of 110 mm
  • Systeemlijm – alleen de lijm die bij het systeem hoort, met een houdbaarheid van 12 maanden vanaf productiedatum
  • Expansiestuk bij lange gootlengtes – het bestaat in twee uitvoeringen, met en zonder doorloop

Gootbeugels, gootlengte en regenpijp berekenen

De drie waarden die u vóór de bestelling nodig heeft: het aantal gootbeugels (afstand maximaal 60 cm), de gootlengte en het aantal pijpbeugels aan de regenpijp. De calculator zet de waarden van de fabrikant om:

Gootbeugels
Gootlengte
Totale lengte regenpijp
Pijpbeugels

Berekend met een beugelafstand van 60 cm plus één beugel aan het begin. Bij hoge sneeuwlast de afstand verkleinen. De pijpbeugels zitten op een afstand van ongeveer 2 m, maar minimaal twee per regenpijp – boven direct onder de bocht en onder boven de uitloop.

Welke gootmaat bij uw dakoppervlak past, laat de dimensioneringshulp op de dakgoten-pagina zien.

Gootmaat naar dakoppervlak

Grove indeling als oriëntatie – doorslaggevend is de afwateringsberekening voor uw dak:

  • Goot 100 mm met regenpijp 75 mm – kleine daken zoals tuinhuis, aanbouw, smalle carport
  • Goot 125 mm met regenpijp 90 mm – de standaard voor carport, garage en normale woningdaken
  • Goot 150 mm met regenpijp 110 mm – grote dakvlakken en hallen

Wanneer heb ik een expansiestuk nodig?

Het Plastmo-bijblad noemt twee voorwaarden die samen vervuld moeten zijn: meer dan 18 m tussen twee regenpijpen en het uitlaatstuk waarborgt onvoldoende uitzetting. Het is dus geen zuivere lengteregel.

In de adviespraktijk noemen wij 10 tot 12 m als vuistregel vanaf wanneer u over een expansiestuk gaat nadenken – dat is onze aanbeveling, geen fabrikantopgave. Het bestaat in twee uitvoeringen: zonder doorloop (scheidt twee gootdelen) en met doorloop.

Dakgoot monteren in 6 stappen

1

Plannen: gootmaat, positie van de regenpijp, richting van het afschot

Voordat de eerste beugel zit, liggen drie dingen vast – correcties kosten later materiaal:

  • Gootmaat naar dakoppervlak: 100, 125 of 150 mm, met regenpijp 75, 90 of 110 mm. De indeling vindt u in het gedeelte hierboven.
  • Positie van de regenpijp bepalen: die bepaalt het laagste punt van de goot. Bij twee regenpijpen loopt het afschot vanuit het midden naar beide zijden.
  • Afschot: 2 tot 3 mm per meter richting uitlaat. Bij 8 m gootlengte is dat 16 tot 24 mm hoogteverschil tussen de eerste en de laatste beugel.
  • Expansiestuk inplannen, wanneer er meer dan 18 m tussen twee regenpijpen ligt en het uitlaatstuk de uitzetting niet opneemt.
Dakrand van een carport met ingemeten afschotlijn voor de dakgoot
2

Gootbeugels monteren – twee werkwijzen, afhankelijk van het type

Hier scheiden zich de wegen, en wel binnen hetzelfde systeem: Plastal heeft twee typen beugels met twee verschillende werkwijzen.

Universele gootbeugels

Het afschot ontstaat door de beugels te buigen: alle beugels worden op gelijke hoogte bevestigd en daarna verschillend sterk gebogen. Voor het buigen de beugels licht verwarmen.

Console-gootbeugels

Worden net als bij het PVC-systeem op de draad uitgelijnd – gespannen van de laagste beugel bij het uitlaatstuk tot de laatste console bij de hoek dan wel op het hoogste punt. Niet buigen.

  • Afstand maximaal 60 cm – bij hoge sneeuwlast kleiner. De eerste en de laatste beugel zitten dicht bij de gooteinden.
  • Draad spannen: van het hoogste naar het laagste punt, met het ingeplande afschot van 2 tot 3 mm per meter. Alle beugels richten zich daarnaar.
  • Beugels worden nooit gelijmd – zij worden geschroefd. De goot moet erin kunnen bewegen.
Gootbeugels worden langs een gespannen draad met afschot op het boeiboord bevestigd
3

Uitlaatstuk plaatsen – de volgorde verschilt per fabrikant

Er is geen algemeen geldende volgorde – de twee fabrikanten doen het precies andersom:

Plastmo (PVC)

Het uitlaatstuk komt als allereerste stap – nog vóór de beugels. Het wordt vastgezet, de goot daarna ingehangen.

Plastal (staal)

De montage van het uitlaatstuk volgt na het inhangen van de goot – de opening wordt in de reeds gemonteerde goot gezaagd.

  • Opening netjes uitzagen en ontbramen – scherpe randen beschadigen de afdichting en houden blad vast.
  • Het uitlaatstuk wordt gelijmd – bij beide systemen. Het is een van de vijf lijmpunten.
Geplaatst uitlaatstuk in een dakgoot boven de aansluiting van de regenpijp
4

Goot inhangen, verbinden en lijmen

Nu komt de goot in de beugels – en hier beslist zich de waterdichtheid. De lijmstroken zijn daarbij precies voorgeschreven:

  • Gootverbindingsstuk: vier lijmstroken van elk ca. 0,5 cm breed, plus de stootnaad vullen.
  • Buiten- en binnenhoeken: twee lijmstroken per hoekstuk, eveneens ca. 0,5 cm, plus stootnaad.
  • Einddeksel: één lijmstrook, ca. 0,5 cm, plus stootnaad.
  • Uitzetruimte minimaal 2,5 cm bij elke verbinding – de goot zet uit met de temperatuur, en die ruimte is haar bewegingsruimte.
  • Let op de houdbaarheid van de lijm: 12 maanden vanaf productiedatum. Oude lijm hecht niet meer betrouwbaar.
Lijmstroken in het gootverbindingsstuk vóór het plaatsen van de dakgoot
5

Regenpijp monteren

Van het uitlaatstuk tot de grond – met één lijmpunt dat vaak over het hoofd wordt gezien:

  • De bovenste regenpijpbocht wordt aan het uitlaatstuk vastgelijmd – dit lijmpunt ontbreekt in de meeste opsommingen, maar hoort erbij.
  • De bovenste afstandhouder zit direct onder de bocht, en de pijpbeugel wordt daaromheen gespannen.
  • Verdere beugels op een afstand van ongeveer 2 m, maar minimaal twee per regenpijp – boven en onder.
  • Steekverbindingen aan de regenpijp blijven ongelijmd – net als de pijpbeugels. De pijp moet in de lengte kunnen bewegen.
Regenpijp met bovenste bocht, afstandhouder en pijpbeugel aan de gevel
6

Waterproef en eindcontrole

De laatste stap duurt tien minuten en bespaart u in het ergste geval een demontage:

  • Waterproef met de tuinslang: op het hoogste punt water laten inlopen en kijken of het volledig naar de uitlaat loopt. Stilstaand water betekent: afschot bijstellen.
  • Alle verbindingen controleren – verbindingsstukken, hoekstukken, einddeksels, uitlaatstuk en de bovenste regenpijpbocht.
  • Uitzetruimte controleren: zit de goot overal met minimaal 2,5 cm speling in de verbindingen?
  • Goot uitruimen: zaagsel en montageresten verwijderen – anders belanden die als eerste in de regenpijp.
Waterproef aan de gemonteerde dakgoot met de tuinslang

PVC of staal: de systemen vergeleken

Plastmo – PVC

  • Licht, corrosievrij, eenvoudig te zagen – ook voor ongeoefenden goed te monteren
  • Uitlaatstuk eerst, dan de beugels, dan de goot
  • Volgens de fabrikant kan van rubberen afdichtingen worden afgezien – in het programma zit desondanks een gootverbindingsstuk met rubberen afdichting (productoverzicht nr. 10)
  • Lijmstroken exact vastgelegd: vier op het verbindingsstuk, twee op het hoekstuk, één op het einddeksel

Plastal – staal

  • Steviger en vormvaster, met een coating van gemodificeerd polyamide op polyurethaanbasis, vrij van schadelijke chemische stoffen
  • Twee typen beugels: universele gootbeugels (gebogen) en console-gootbeugels (op de draad uitgelijnd)
  • Uitlaatstuk pas na het inhangen – de opening wordt in de gemonteerde goot gezaagd
  • Visueel dichter bij het klassieke zinken dak, in meerdere kleuren verkrijgbaar

Wat wordt gelijmd – en wat niet

De meest voorkomende oorzaak van lekkende of kromgetrokken goten is een verkeerd lijmpunt. Daarom hier beide lijsten volledig:

Wordt gelijmd

  • Gootverbindingsstuk – vier lijmstroken à ca. 0,5 cm plus stootnaad
  • Buiten- en binnenhoeken – twee lijmstroken plus stootnaad
  • Einddeksels – één lijmstrook plus stootnaad
  • Uitlaatstuk in de goot
  • Bovenste regenpijpbocht aan het uitlaatstuk – het vaakst vergeten punt

Wordt niet gelijmd

  • Expansiestuk – dat is het uitzetpunt van de goot (zie de waarschuwing in stap 4)
  • Pijpbeugels aan de regenpijp
  • Steekverbindingen aan de regenpijp
  • Gootbeugels – die worden geschroefd, de goot ligt er beweeglijk in

Goten, regenpijpen & toebehoren

Alles wat bij een complete dakafwatering hoort – de hoeveelheden levert de calculator hierboven:

Dakgoten & losse delen

Goten in 100, 125 en 150 mm, plus beugels, verbindingsstukken, hoekstukken, einddeksels en uitlaatstukken – in PVC en staal.

Losse delen bekijken

Voordeelpakketten

Kant-en-klaar samengestelde sets voor gangbare gootlengtes – goot, beugels, verbindingsstukken, regenpijp en toebehoren in één pakket.

Voordeelpakketten bekijken

Regenpijpen & beugels

Regenpijpen in 75, 90 en 110 mm, plus bochten, pijpbeugels en afstandhouders – passend bij de gekozen gootmaat.

Regenpijpen bekijken

Systeemlijm

De lijm die bij het systeem hoort – houdbaar 12 maanden vanaf productiedatum, dus liever vers meebestellen.

Lijm bekijken

Bijpassend dak

De goot komt zelden alleen: damwandplaten, golfplaten en lichtplaten maken wij op de centimeter nauwkeurig op maat.

Metalen platen bekijken

Alles uit één hand

Goot, beugels, regenpijp en lijm – op elkaar afgestemd in één levering, passend bij uw gootlengte.

Nu samenstellen

De zes meest gemaakte fouten – en hoe u ze voorkomt

Geen afschot ingepland

Gevolg: water blijft in de goot staan, blad hoopt zich op, in de winter bevriest het stilstaande vocht.

2 tot 3 mm per meter richting uitlaat – met een gespannen draad inmeten, niet op het oog.

Expansiestuk vastgelijmd

Gevolg: het uitzetpunt is geblokkeerd – de goot trekt krom of scheurt op een andere plek open.

Het expansiestuk nooit lijmen. De afwijkende zin in het Duitstalige bijblad is een vertaalfout.

Bovenste regenpijpbocht niet gelijmd

Gevolg: de bocht schuift na verloop van tijd van het uitlaatstuk – het water loopt langs de gevel naar beneden.

De bovenste bocht hoort bij de vijf lijmpunten – hij wordt aan het uitlaatstuk vastgelijmd.

Beugelafstand te groot

Gevolg: de goot zakt tussen de beugels door – uiterlijk de eerste sneeuwlast vervormt haar blijvend.

Maximaal 60 cm, bij hoge sneeuwlast kleiner. Eerste en laatste beugel dicht bij de gooteinden.

Uitzetruimte vergeten

Gevolg: de goot loopt in de zomer tegen het verbindingsstuk aan, bolt op en springt uit de beugels.

Bij elke verbinding minimaal 2,5 cm ruimte laten – dat is de letterlijke catalogustekst, geen aanbeveling.

Werkwijzen van de beugeltypen verwisseld

Gevolg: console-gootbeugels laten zich niet zinvol buigen – wie het probeert, beschadigt beugel en coating.

Universele gootbeugels worden gebogen, console-gootbeugels op de draad uitgelijnd – beide werkwijzen staan in stap 2.

Originele montagehandleidingen als pdf

Alle waarden op deze pagina komen uit deze documenten. Bindend voor uw project is de handleiding bij uw systeem:

Plastmo – montagehandleiding PVC

Het complete verloop van het kunststofsysteem: uitlaatstuk eerst, beugelafstanden, lijmstroken per onderdeel en de montage van de regenpijp.

Pdf openen

Plastmo – bijblad expansiestuk

De twee uitvoeringen met en zonder doorloop, de 18 m-voorwaarde en de inbouwaanwijzingen – inclusief de misleidende lijmzin die wij hierboven duiden.

Pdf openen

Plastal – montagehandleiding staal

Het stalen systeem: universele en console-gootbeugels met hun twee werkwijzen, montage van het uitlaatstuk na het inhangen en de gegevens over de coating.

Pdf openen

Alle handleidingen – ook voor metalen platen, lichtplaten en dakfolie – vindt u gebundeld op de downloadpagina.

Veelgestelde vragen (FAQ) over de montage van dakgoten

Hoeveel afschot heeft een dakgoot nodig?

2 tot 3 mm per meter richting uitlaat. Bij 8 m gootlengte is dat 16 tot 24 mm hoogteverschil tussen de hoogste en de laagste beugel. Inmeten doet u met een gespannen draad, niet op het oog – zonder afschot blijft het water in de goot staan, hoopt blad zich op en bevriest het stilstaande vocht in de winter.

Op welke afstand komen de gootbeugels?

Maximaal 60 cm – bij hoge sneeuwlast navenant kleiner. De eerste en de laatste beugel zitten dicht bij de gooteinden. Het exacte aantal voor uw gootlengte levert de calculator op deze pagina.

Wat wordt bij de dakgoot gelijmd – en wat niet?

Gelijmd worden: het gootverbindingsstuk, de buiten- en binnenhoeken, de einddeksels, het uitlaatstuk en de bovenste regenpijpbocht aan het uitlaatstuk. Niet gelijmd worden: het expansiestuk, de pijpbeugels, de steekverbindingen aan de regenpijp en de gootbeugels. De volledige lijsten staan in het gedeelte Wat wordt gelijmd – en wat niet.

Hoeveel lijmstroken komen er op een verbindingsstuk?

Plastmo noemt drie verschillende hoeveelheden, alle met een breedte van ca. 0,5 cm: vier stroken op het gootverbindingsstuk, twee op de buiten- en binnenhoeken, één op het einddeksel – en telkens daarnaast de stootnaad vullen.

Mag ik het expansiestuk vastlijmen?

Nee. Hier is echter sprake van een tegenstrijdige fabrikantopgave: het Duitstalige bijblad schrijft „Let op! Beide gooteinden in het expansiestuk vastlijmen", terwijl de Engelse versie van hetzelfde blad alleen de einddeksels bedoelt en de catalogus uitdrukkelijk zegt: „Voor de montage van het expansiestuk geen lijm gebruiken!" De Duitse zin is een misleidende vertaling. Wie hem letterlijk neemt, lijmt het uitzetpunt dicht – precies het onderdeel dat de uitzetting moet opnemen.

Wanneer heb ik een expansiestuk nodig?

Het Plastmo-bijblad noemt twee voorwaarden die samen vervuld moeten zijn: meer dan 18 m tussen twee regenpijpen en het uitlaatstuk waarborgt onvoldoende uitzetting. In de adviespraktijk noemen wij 10 tot 12 m als vuistregel vanaf wanneer u daarover zou moeten nadenken – dat is onze aanbeveling, geen fabrikantopgave. Het expansiestuk bestaat in twee uitvoeringen, met en zonder doorloop.

Ontstaat het afschot door buigen of door de draad?

Dat hangt af van het type beugel: universele gootbeugels worden op gelijke hoogte bevestigd en daarna verschillend sterk gebogen (daarvoor licht verwarmen). Console-gootbeugels worden daarentegen op de draad uitgelijnd – gespannen van de laagste beugel bij het uitlaatstuk tot de laatste console bij de hoek dan wel op het hoogste punt. Bij het PVC-systeem loopt het eveneens via de draad.

Komt het uitlaatstuk vóór of na de goot?

Dat is afhankelijk van de fabrikant – er is geen algemene regel. Plastmo plaatst het uitlaatstuk als allereerste stap, nog vóór de beugels. Plastal voert de montage van het uitlaatstuk pas na het inhangen van de goot uit, omdat de opening in de reeds gemonteerde goot wordt gezaagd. Houd u aan de handleiding bij uw systeem.

Welke gootmaat heb ik nodig?

Als oriëntatie: goot 100 mm met regenpijp 75 mm voor kleine daken zoals een tuinhuis of smalle aanbouw, 125 mm met 90 mm als standaard voor carport, garage en normale woningdaken, 150 mm met 110 mm voor grote vlakken en hallen. Doorslaggevend is de afwateringsberekening voor uw concrete dakoppervlak – de dimensioneringshulp helpt bij de indeling.

Hoeveel uitzetruimte moet ik laten?

Minimaal 2,5 cm bij elke verbinding – zo staat het in de catalogustekst. De goot zet uit met de temperatuur, en die ruimte is haar bewegingsruimte. Wordt zij te krap bemeten, dan loopt de goot in de zomer aan, bolt op en kan uit de beugels springen.

Hoe lang is de systeemlijm houdbaar?

12 maanden vanaf productiedatum. Bestel de lijm daarom passend bij de montage mee – aangebroken of te lang bewaarde verpakkingen hechten niet meer betrouwbaar, en de lijmpunten zijn juist de plekken waar de goot dicht moet zijn.

Hoe controleer ik of de goot goed gemonteerd is?

Met een waterproef: laat op het hoogste punt water uit de tuinslang inlopen en kijk of het volledig naar de uitlaat loopt. Blijft er water staan, dan klopt het afschot niet. Controleer daarnaast alle lijmpunten en de uitzetruimte – en ruim zaagsel en montageresten uit de goot voordat die in de regenpijp belanden.

Goot, regenpijp en toebehoren in één levering

Dakgoten in PVC en staal, in 100, 125 en 150 mm – plus beugels, verbindingsstukken, hoekstukken, einddeksels, uitlaatstukken, regenpijpen en systeemlijm. Als losse delen of als kant-en-klaar voordeelpakket voor uw gootlengte.

Onze dakgoten

Laatste update: 31. juli 2026
Technisch gecontroleerd door: Grimberg GmbH (Contact)